Reuzenbalsemien

Reuzenbalsemien

Reuzenbalsemien is een invasieve exoot afkomstig uit de Himalaya en is begin 1800 als tuinplant naar Europa gehaald en daarna verwilderd.

Reuzenbalsemien groeit op zeer veel verschillende plaatsen zoals op oevers van meren, beken en rivieren, in weides, bermen, plantsoenen en bosranden.

Hoe herken ik Reuzenbalsemien?

Reuzenbalsemien in een eenjarige plant die tussen 0,50 en 2,5 meter hoog kan worden. De stengels zijn dik, geribd, kaal en hebben brede knopen. De bladeren zijn tegenoverstaand of zitten in kransen van 3 tot 5 bladeren rondom de stengel. De bladeren zijn langwerpig, toegespitst en scherp getand. Ze hebben rode punten op de zaagtanden en forse, knotsvormige rode klieren in de bladoksels. De geurende bloemen groeien in pluimen met 2 tot 15 bloemen op rechte, schuin omhoog staande stelen. De bloemen zijn rozewit, soms paars, van binnen gevlekt en 2½ tot 4 cm groot. Het onderste kelkblad is zakvormig en heeft een kort, gekromd en donkerder gekleurd spoor. De bloemen hebben een grote aantrekkingskracht op bestuivers zoals bijen en hommels. 

Reuzenbalsemien verspreidt zich via zaden. Wanneer rijpe zaaddozen worden aangeraakt, gaat de doos open en schieten de zaden weg, vandaar dat de plant ook wel 'springbalsemien' wordt genoemd. De zaden kunnen tot 7 meter ver wegschieten. Eén plant kan tussen de 2.500 en 4.000 zaden produceren. Wanneer ze in het water terecht komen, kunnen de zaden via beken en rivieren over grote afstanden verspreiden. Er ontwikkelt zich geen echte zaadbank, omdat de zaden slechts één winter tot maximaal 18 maanden kunnen overleven. De soort gedijt relatief goed in de schaduw, maar is gevoelig voor droogte en vorst. De plant sterft bij de eerste vorst af. 

Reuzenbalsemien heeft een sterk regeneratief vermogen. Dit betekent dat afgemaaide stengels opnieuw uitgroeien en weer kunnen gaan bloeien.  Ook de kleinere planten produceren bloemen en zaden. De periode van het ontkiemen tot het begin van de bloei is ongeveer 12-13 weken. De zaden hebben een grote kiemkracht, 80% van de zaden worden nieuwe planten. 

Herkomst – Waar komt reuzenbalsemien vandaan?

Reuzenbalsemien is afkomstig uit de Himalaya (Tibet en India), waar hij groeit op een hoogte van 1.800 tot 4.000 meter. In 1839 werd de soort ingevoerd in Kew Gardens, Londen. Op het vaste land van Europa is hij rond het jaar 1900 gaan verwilderen. Inmiddels komt de plant in heel West-Europa voor. In Zuidwest-Duitsland was reuzenbalsemien al vanaf 1920 op sommige plekken algemeen, waarschijnlijk door aanvoer van zaden via de Rijn vanuit Zwitserland. Begin 19e eeuw is de soort ook in Nederland geïntroduceerd als tuinplant en de afgelopen decennia op veel plaatsen verwilderd vanuit tuinen en door aanplant door imkers. Inmiddels komt de soort in Nederland vrij algemeen voor, voornamelijk in het rivierengebied en in stedelijke gebieden. 

Verspreiding – Waar komt reuzenbalsemien voor?

Reuzenbalsemien groeit op zeer veel verschillende typen groeiplaatsen. De soort gedijt het best op vochtige, voedselrijke en stikstofrijke groeiplaatsen zoals op oevers van beken, meertjes en rivieren. Maar ook in of langs weides, sloten, bermen, plantsoenen, bossen, bosranden en uiterwaarden komt de soort voor. Omdat het een goede waardplant voor bijen is, werd reuzenbalsemien ook wel door imkers aangeplant.

Reuzenbalsemien in de uiterwaarden van de Rijn
Reuzenbalsemien in de uiterwaarden van de Rijn

Risico’s - Wat zijn de problemen?

Risico’s voor de natuur 

De grote aantallen zaden, de snelle zaadverspreiding en de grote aantrekkingskracht op bestuivers maakt de soort zeer concurrentiekrachtig ten opzichte van inheemse plantensoorten. Reuzenbalsemien kan door de explosieve groei zeer dichte opstanden vormen en daardoor niet alleen inheemse plantensoorten verdringen en verstikken, maar ook de fauna die erin leeft. Door zijn sterke geur lokt de plant bestuivers van inheemse soorten weg, waardoor deze minder zaad produceren. Dit is nadelig voor de vitaliteit en verspreiding van de natuurlijke vegetatie. 

Risico’s voor waterveiligheid 

Reuzenbalsemien veroorzaakt ook economische schade. Door het oppervlakkige en beperkte wortelstelsel worden oevers van beken en rivieren en andere taluds met dichte opstanden van reuzenbalsemien vatbaar voor erosie als de planten in het najaar afsterven. Deze dichte opstanden zorgen ervoor dat andere planten- en grassoorten verdwijnen die normaal gesproken voor de stabiliteit van de oevers zorgen. Dit kan (zeer) hoge kosten voor oeverherstel veroorzaken om gevaarlijke situaties te voorkomen.

Preventie - Hoe voorkom je verdere verspreiding?

De soort is in een gebied binnen een jaar vrijwel geheel uit te roeien, als voorkomen wordt dat de planten tot zaadzetting komen (binnen dat groeiseizoen). Aangezien het zaad van reuzenbalsemien maximaal 18 maanden kan overleven en meestal korter, zal het namelijk slechts zelden twee winters overleven. De zaadzetting vindt eind augustus, begin september plaats en de groei begint doorgaans in april.  

De bestrijdingsaanpak voor reuzenbalsemien is daarmee relatief eenvoudig maar arbeidsintensief. Deze richt zich hoofdzakelijk op het voorkomen van zaadzetting. Wanneer de planten langs open water groeien is het belangrijk om zover mogelijk stroomopwaarts te beginnen met de bestrijding. Zo wordt voorkomen dat plekken stroomafwaarts, waar bestrijding plaatsvindt, opnieuw worden gekoloniseerd.

Beheersing en bestrijding – Welke methoden zijn er?

Het verwijderen van reuzenbalsemien is kostbaar en tijdrovend door het grote regeneratievermogen en de effectieve verspreiding. De bestrijding kan op 2 manieren: 

  • Door machinaal te maaien bij grote hoeveelheden planten.
  • Door handmatig te maaien en uit te trekken bij kleine populaties en op moeilijk bereikbare plekken.

De vegetatie moet zorgvuldig en kort boven het maaiveld worden afgemaaid. Reuzenbalsemien die hoger is afgesneden, beschadigd of platgedrukt, groet vaak opnieuw uit. De timing van de maatregelen is daarnaast van groot belang; wordt te vroeg gemaaid, dan lopen de planten opnieuw uit maar bij een te late maaironde heeft de plant reeds zaad verspreid en ontkiemen deze. Afhankelijk van de weersomstandigheden in het voorjaar, moet de bestrijding tussen eind mei en eind juni plaatsvinden. Daarna moeten de locaties een aantal keer tijdens het groeiseizoen worden gecontroleerd. De eventueel aanwezige planten kunnen dan vaak eenvoudig worden uitgetrokken en afgevoerd. 

Bestrijding van de reuzenbalsemien moet altijd van bovenstrooms naar benedenstrooms worden uitgevoerd omdat het zaad via stromend water wordt verspreid. Hierdoor wordt rekolonisatie vanuit bovenstroomse zaadbronnen voorkomen.

Methode Effectiviteit Gericht op
Mechanisch
Uittrekken Door uittrekken wordt voorkomen dat de planten gaan bloeien en zaad zetten. Effectief mits de planten laag bij de grond worden afgemaaid. Bestrijding
Maaien Door maaien wordt voorkomen dat de planten gaan bloeien en zaad zetten. Effectief mits de planten laag bij de grond worden afgemaaid. Bestrijding
Begrazing Grazers hebben geen voorkeur voor de reuzenbalsemien. Daardoor is de methode minder effectief. Daarnaast kunnen grazers niet op alle groeilocaties worden ingezet (bijv in moerassige groeilocaties). Beheersing

Voorbeeldprojecten

Onderstaande voorbeeldprojecten geven de ervaringen weer zoals opgesteld door de betrokken partijen. Wilt u ook een voorbeeldproject aanleveren, download dan hier het invulformulier.

Klik op het project voor meer informatie

[nog geen voorbeeldprojecten aangemeld]

Onderzoek - Welke methoden zijn nog in ontwikkeling of onderzoek?

Methode Effectiviteit Gericht op
Roestschimmel Beheermethode gebaseerd op aantasting van de bladeren. Perspectiefvol maar nog niet beschikbaar in Nederland Bestrijding

Wet & Regelgeving - Welke regels en protocollen zijn van toepassing?

Reuzenbalsemien staat sinds augustus 2017 op de Unielijst van invasieve exoten. Dit betekent dat er een Europees verbod van kracht is op bezit, handel, kweek, transport en import van de soort. Daarnaast geldt voor lidstaten de plicht om in de natuur aanwezige populaties op te sporen en te verwijderen. Wanneer dit onmogelijk blijkt moet de populatie zodanig beheert worden dat verspreiding en schade zoveel mogelijk wordt voorkomen. 

In Nederland zijn de provincies verantwoordelijk voor het nemen van eliminatie- en beheersmaatregelen voor soorten op de Unielijst. Voor de uitvoering is er naast de provincies ook een belangrijke rol weggelegd voor terreinbeheerders zoals gemeenten, waterschappen, private organisaties en particulieren. 

In Nederland geldt een verbod op professioneel gebruik van bestrijdingsmiddelen buiten de landbouw (alle verharde en niet-verharde terreinen). Een aantal specifieke planten en insecten mogen nog wel gericht worden bestreden met een bestrijdingsmiddel wanneer dit noodzakelijk is voor de bescherming van de gezondheid van mens, dier of milieu.  

Omdat Reuzenbalsemien op de Unie-lijst staat mag deze chemisch worden bestreden. Deze methode wordt echter niet of nauwelijks toegepast vanwege het risico op verontreiniging van oppervlaktewater en het feit dat de planten eenvoudig met niet-chemische methoden te bestrijden zijn.

Waar vind ik meer informatie?