
Geelnekdrooghouttermiet vestigt zich ongemerkt in Nederland
De geelnekdrooghouttermiet (Kalotermes flavicollis) lijkt zich ongemerkt op meerdere locaties in Nederland te hebben gevestigd. Volgens EIS Kenniscentrum Insecten en het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen worden kolonies van deze termietensoort regelmatig meegevoerd in hout van mediterrane planten, zoals olijfbomen. Door de verborgen levenswijze van de insecten blijft hun aanwezigheid vaak lange tijd onopgemerkt.
De geelnekdrooghouttermiet komt van nature voor langs de kusten van het Middellandse Zeegebied, van Griekenland tot Portugal en West-Spanje, inclusief diverse Mediterrane eilanden. De soort leeft in kolonies van ongeveer 600 tot 1.500 individuen en nestelt zich in droog hout van uiteenlopende boomsoorten. Daarbij kunnen zowel levende als dode of verzwakte bomen worden gebruikt.
Termieten krijgen doorgaans via natuurlijke of mechanische beschadigingen toegang tot hout. In levende bomen ontstaat een nest vaak eerst onder de schors, waarna de insecten zich geleidelijk een weg banen naar het onderliggende hout. Omdat de soort ook levend hout kan aantasten, kunnen sierbomen, fruitbomen, notenbomen en wijnstokken ernstige schade oplopen of zelfs afsterven.
In Zuid-Europese landen wordt de geelnekdrooghouttermiet daarom beschouwd als een schadelijke plaagsoort. Daarnaast kan de soort ook een risico vormen voor gebouwen. Wanneer wortels van besmette bomen in contact komen met constructiehout van woningen of andere bouwwerken, kunnen termieten overschakelen naar dit hout. Niet alleen constructiedelen, maar ook kozijnen, tuinobjecten en zelfs schilderijlijsten kunnen hierdoor worden aangetast.
De verspreiding van de soort vindt plaats via zogenoemde bruidsvluchten. Tijdens deze periode verlaten gevleugelde mannetjes en vrouwtjes hun kolonie om zich voort te planten en een nieuwe kolonie te stichten. Deze vluchten vinden doorgaans plaats tussen eind augustus en november.
Na de paring zoeken de termieten gezamenlijk een geschikt stuk beschadigd hout op. Daar leggen zij de basis voor een nieuwe kolonie. De eerste werkers en soldaten ontwikkelen zich in de daaropvolgende lente en zomer. Na ongeveer drie tot vier jaar is een kolonie volledig ontwikkeld en kunnen opnieuw gevleugelde dieren uitvliegen om nieuwe nesten te stichten.
Sinds 2019 zijn in Nederland waarnemingen gedaan op vijf locaties: drie in Zuid-Holland, één in Noord-Holland en één in Noord-Brabant. De termieten werden onder meer aangetroffen in olijfbomen, op vers gezaagd hout en in een restaurant met veel mediterrane beplanting.
Omdat kolonies moeilijk te ontdekken zijn, zien deskundigen de naderende periode van bruidsvluchten als een uitgelezen kans om meer inzicht te krijgen in de verspreiding van de soort. De gevleugelde termieten zijn relatief eenvoudig te herkennen. Kenmerkend zijn het opvallende gele halsschild, de donkere kop en de fragiele, donker berookte vleugels. Hierdoor zijn ze vaak ook goed te identificeren aan de hand van foto's.

Gevleugelde termiet met kenmerkende kleuren dat onderdeel is van de bruidsvlucht. Foto: Hectonichus, Wikimedia Commons, 2010
EIS Kenniscentrum Insecten roept het publiek op alert te zijn op de geelnekdrooghouttermiet en eventuele waarnemingen te melden via platforms als Waarneming.nl, NDFF.nl en iNaturalist, of rechtstreeks bij het kenniscentrum. Met extra meldingen hopen onderzoekers een beter beeld te krijgen van de verspreiding van deze potentiële plaagsoort in Nederland.
Klik hier voor de originele bron
Leadfoto: Sphoo, Wikimedia commons, 2014
